Kleindochter

 

Er ligt een droom te slapen

In haar wiegje, warm en zacht

Soms vertrekt haar mondje

Is het net alsof ze lacht

 

Haar handje raakt haar neusje

Waardoor zij plotsklaps schrikt

Met haar armpjes uitgestoken

Vangt ze mijn verliefde blik

 

In haar oogjes dansen elfjes

Stralend in de ochtendzon

Golven mee op haar gedachtes

Verwarmen innig haar cocon

 

Ver weg is nog de boze wereld

Voor haar nog geen verdriet en pijn

Maar zijn de elfjes straks verdwenen

Zal ik er altijd voor haar zijn


Eigen wereld

 

Zie jij dat ook

Wat ik nu zie

Waar wij nu zijn

Is waar jij bent

 

Heb jij dat ook

Dat wat ik voel

Wat jij niet zegt

Maar ik herken

 

Weet jij dat ook

Wat ik omschrijf

Van wat jij doet

En hoe jij leeft

 

Wist ik nu maar

Waar jij van droomt

Nu jij zo ver

Vanaf mij zweeft